Gevelisolatie

Gevelisolatie

In Nederland zijn we, eerst in de luxe woningen later in de gehele woningbouwsector, begonnen met het bouwen van spouwmuren in de jaren ’30. Nadat in de jaren ’70 vastgesteld werd dat het volspuiten van een spouw een besparing van maar liefst 30% op de stookkosten opleverde is men massaal aangevangen met het inspuiten van bestaande dubbele gevels. Spouwmuren van nieuwbouw is men na die tijd standaard gaan voorzien van gevelisolatie.

De gevel (na)isoleren
Vandaag de dag onderscheiden we 3 isolatieproducten voor spouwmuurisolatie:
–┬áMinerale wol die direct tijdens de bouw aangebracht wordt bestaat uit platen of dekens. De isolatieplaten mogen geen contact maken met de vochtdoorlatende buitengevel. Om die reden wordt er tussen de de wolplaten en de buitenmuur een dampdichte folie aangebracht. Dit kan een separate folie zijn of een op de platen al aangebrachte vliesfolie. Bij na-isolatie worden onder hoge druk minerale wolvlokken ingespoten. Hierbij wordt ruimte voor ventilatie gelaten opdat de vlokken droog blijven.

Isolatieparels of piepschuimkorrels die vermengd met latex onder hoge druk in de spouw gespoten worden. De massa vormt zich tot een waterdichte laag met hoogwaardige thermische isolerende eigenschappen. Door de toevoeging van het vloeibare en zwaardere latex komt de isolerende substantie zowel beneden in de spouwruimte als in alle bovenste kiertjes en hoekjes.

Pur schuim, een combinatie van 2 vloeibare componenten die door toevoeging van een blaasmiddel een schuimreactie geeft. Voor de gevelisolatie wordt het niet vochtdoorlatende hardschuim gebruikt. Tijdens de bouw plaatst men kant-en-klare hardschuimplaten en bij na-isolatie wordt het vloeibare schuim onder druk in de spouw gespoten. Pur schuim zet snel uit en vult in een paar seconden alle loze ruimten.
Gaten die voor het na-isoleren in de voegen worden geboord, worden netjes hersteld zodat u na afloop geen ontsierende plekken op de gevel overhoudt.

Bron foto